Vluchteling verbijt de pijn en schrijft geschiedenis in de Tokio Marathon

Ondanks de strijd tegen krampen en vermoeidheid, bereikt de allereerste vluchteling die als elite-loper de Tokio Marathon loopt, de eindstreep.

Vluchtelingenatleet Yonas Kinde wordt geïnterviewd na de Tokio Marathon 2020 te hebben uitgelopen ©UNHCR/LIFE.14

Terwijl hij op de grond neerploft na de eindmeet, hapt Yonas Kinde zichtbaar naar lucht. Zijn loopschoenen liggen naast hem, net uitgetrokken om zijn voeten terug wat ademruimte te geven. Ze zijn gezwollen door de race. Hij is moe en heeft pijn, maar niets kan het heerlijke gevoel van overwinning verbergen dat zijn bruine ogen doet oplichten.

Zondag heeft de 39-jarige Ethiopische vluchteling zijn droom waargemaakt door de marathon van Tokio succesvol uit te lopen. Hij werd daarmee de eerste vluchteling in de geschiedenis van het evenement die als eliteloper deelnam.

“Ik droomde al van jongs af aan over meelopen in Tokio. Het is een overwegend vlak parcours, waardoor atleten goede resultaten kunnen behalen. Het is een van de grootste straatwedstrijden ter wereld”, legt Yonas uit. “Maar het belangrijkste: dit is de stad waar mijn grote idool, de Ethiopische loper Abebe Bikila, zijn Olympische titel met succes verdedigde in 1964.”

Hij liep de race in 2 uur 24 minuten en 34 seconden – zo een 20 minuten achter de winnaar – en haalde daarmee een vergelijkbare tijd met zijn inspanning op de Olympische Spelen in Rio in 2016, de grootste internationale competitie van zijn carrière tot nu toe.

Yonas nam deel aan Rio 2016 als lid van het eerste Olympische vluchtelingenteam ooit, opgezet door het Internationaal Olympisch Comité (IOC).

“Ik wilde mijn persoonlijk record verbreken, maar dat was onhaalbaar vandaag, omdat ik werd tegengehouden door maagkrampen na de dertigste kilometer”, zegt hij. “Wat me kracht gaf, was het aanmoediging van de omstaanders. Ze steunden mij, juichten mijn naam bij elke kilometer: “Go Yonas”, “Go Kinde”. Tijdens het lopen richtte ik mijn gedachten op de slachtoffers van het coronavirus, en op vluchtelingenkinderen van over de hele wereld, die over grenzen heen reizen om veiligheid en vrede te vinden.”

“Hij gaf nooit op”

“Hij haalde de eindmeet en dat was niet zomaar een kleinigheid. Hij moest stoppen na de 35e kilometer om te stretchen en wandelen, maar hij gaf nooit op. Dat raakte mij en deed mijn tranen opwellen”, aldus Yonas’s coach, Naruyoshi Karasawa, die voor Japan bij UNHCR werkt, bij de fondsenwervingspartner van de VN-Vluchtelingenorganisatie in het land.

Toen hij nog een kind was, leefde hij met zijn familie in een landelijk deel van Ethiopië. Op 14- -jarige leeftijd raakte hij geïnteresseerd in loopwedstrijden op school. Zijn leraar raadde hem aan om als oefening van school naar huis te lopen en terug, waarbij hij elke dag een afstand van 16 kilometer aflegde. Dit legde de basis voor zijn droom om een marathonloper te worden.

Nu hij in Luxemburg woont, traint hij met een beurs van het IOC als vluchtelingenatleet, in de hoop de selectie voor de Olympische Spelen in Tokio in 2020 te vrijwaren. “Als ik word geselecteerd, zal ik mijn best doen”, zegt hij.

“Als ik niet geselecteerd ben, ben ik blij dat er andere atleten zullen zijn, die de vluchtelingen in het Olympische vluchtelingenteam zullen vertegenwoordigen. Ik hoop dat iederen, in het bijzonder het Japanse publiek, de vluchtelingen zullen toejuichen alsof het hun eigen nationale team is.”